Politiek saboteert saamhorige samenleving

De politiek moet zich serieus af vragen of de gedroomde participatiesamenleving niet op voorhand door henzelf gesaboteerd is. Stadsbestuurders negeren voortvarende plannen van bewoners die hun woningen en buurten zelfstandig willen verbeteren. Dat kan omdat de gemeentelijke politiek zich heeft onderworpen aan de wil van de woningcorporaties die elk buurtinitiatief als een bedreiging voor hun winstdoelstellingen zien.

Op basis van meerdere bronnen analyseert dit artikel het dubieuze samenspel tussen stadsbestuurders en woningcorporaties. Een samenspel dat saamhorige burgers uiteendrijft tijdens een crisis die om sterke gemeenschappen vraagt. Afsluitend noemt dit artikel acties waarmee stadsbestuurders en woningcorporaties tot een socialer beleid gedwongen kunnen worden.

De Amsterdamse Groenmarkt

De bewoners van de Amsterdamse Groenmarkt genoten jarenlang van een buurt die ze eigenhandig opbouwden. Geveltuinen werden gezamenlijk onderhouden en daarmee vaste ontmoetingsplaatsen. Net als fietsenhandel MacBike waar regelmatig buurtborrels werden gehouden. Als je even geen geld had, kon je er gratis gereedschap lenen. Ouderen met gezondheidsproblemen werden verzorgd door jonge bewoners. Buren nodigden elkaar uit voor gezellige etentjes en bij begrafenissen deelde men niet alleen de rituelen, maar meer nog het leed. Feitelijk was de Groenmarkt de plek waar Den Haag er veel meer van wil zien: een schoolvoorbeeld van de gedroomde participatiesamenleving.

Nadat woningcorporatie Ymere de renovatie van de Groenmarkt aankondigde, zagen de bewoners dit als een kans om op hun onderlinge saamhorigheid voort te bouwen. Men ontwierp plannen voor een sociaal nog hechtere buurt. Zes voorttrekkers besteden 13 jaar lang zo’n 12 uur per week aan de buurtdromen van hun buurtbewoners. Kosten nog moeite werden daarbij gespaard.

Door hun intensieve samenwerking wisten de bewoners heel goed hoe burgerparticipatie tot een zelfvoorzienende buurt kon leiden. Er werden debatten en mediacampagnes georganiseerd om de gebruikelijke versplintering van saamhorige buurten door woningcorporaties op voorhand te kunnen voorkomen 1). Er moest een buurtmoestuin met een grote waterpomp komen. Deze zouden jong en oud langs natuurlijke weg binden.

Ook werden vier woonwensonderzoeken en drie workshops door de bewoners georganiseerd. De resultaten daarvan waren concrete plannen voor toekomstige winkels, ateliers, woningen en sociaal bindende buurtvoorzieningen. Deze werden door middel van een gedetailleerde maquette inzichtelijk gemaakt en samen met een innovatieve buurtvisie regelmatig bij Ymere en op het stadhuis gepresenteerd.

Repressieve schijnparticipatie

Omdat Ymere de totstandkoming van de buurtvisie financierde, gingen de Groenmarkters er van uit dat hun plannen serieus genomen zouden worden. Dat bleek een illusie. Tijdens het overleg met Ymere werden alle plannen genegeerd en zelfs gesaboteerd met onderhandelingstrucs en een vals voorgespiegelde planning van de inspraakmomenten. Zo verdween de buurtvisie bij Ymere in de prullenbak.

Te laat drong de pijnlijke werkelijkheid door: Voor passende woningbouw en sociale buurtfuncties was er op de Groenmarkt geen plaats. Slechts een enkele deskundige uit de Amsterdamse bewonersorganisaties waagde zich aan een analyse: “De Groenmarkters waren lastig omdat ze het buurt-, en bewonersbelang voorop stelden. Met hun gemeenschapsgerichte toekomstscenario kon Ymere er haar volksverdrijving niet doordrukken. De regelmatige volksverdrijvingen die we zien dienen steeds weer het zelfde doel: minimale investeringen met een maximale winst. Hele wijken waar mensen al jaren goed voor elkaar zorgen worden momenteel uiteen gedreven”.

Ook andere woningcorporaties investeren in buurtgedreven planvorming met de bewuste intentie om deze vervolgens te negeren. Corporaties schromen er niet voor om te investeren in een schijnparticipatie die feitelijk repressief van aard is.

Het verraad van de Amsterdamse PvdA-wethouders

Veel Groenmarkters krijgen een vieze smaak in hun mond als ze terug denken aan een van hun buurtborrels. Daar hadden ze Ymere en “welzijnswethouder” Roeland Rengelink van de PvdA uitgenodigd. Rengelink applaudisseerde toen de buurtbewoners hun buurtvisie hoopvol aan het management van Ymere overhandigde. Op dat zelfde moment kende Rengelink de gebruikelijke gang van zaken allang: de buurtvisie zou de volgende dag bij Ymere in de prullenbak verdwijnen. De medeplichtigheid van lokale politici in het sociale drama werd steeds duidelijker 2).

Een ander schaamteloos inzicht in de manier waarop stadsbestuurders Ymere bedienen, gaf PvdA-wethouder Freek Ossel. De Groenmarkters vroegen hem om Ymere niet zonder meer zijn handtekening te geven voor uitplaatsing van de bewoners uit hun huizen. De bewoners verzochten Ossel tot twee maal toe om hen eerst te vragen of Ymere überhaupt aan inspraak had gedaan. Het zou fair van Ossel zijn om Ymere’s verzoek om bewoners uit hun huizen te plaatsen, pas te overwegen nadàt de hij persoonlijk daadwerkelijke bewonersinspraak had geconstateerd 3).

Volgens het secretariaat van wethouder Ossel waren de twee aangetekende verzoeken van de Groenmarkters “in de post verdwenen” 4). In de tussentijd had Ossel Ymere al wel zijn toestemming gegeven om de bewoners uit hun huizen te laten zetten. Als reactie op de collectieve verontwaardiging hierover beargumenteerde Freek Ossel zijn grove nalatigheid: “Een groot deel van de Groenmarkters wil uit de buurt weg”. Dit was niet alleen onwaar, maar bovendien dezelfde drogreden waarmee Ymere al jarenlang stadsvernieuwingen naar haar eigen hand zet.

D66-wethouder Boudewijn Oranje toonde een beschamende onverschillige houding toen hij op zijn beurt ter verantwoording geroepen werd. Dat Ymere en de Amsterdamse wethouders dezelfde taal spreken en daarbij saamhorige gemeenschappen uit elkaar drijven is al schandalig genoeg. Maar het argument van de D66-er Boudewijn Oranje was ronduit schokkerend: “Het is niet mijn taak om te kijken of er daadwerkelijk sprake is geweest van bewonersinspraak. Het is alleen mijn taak om de procedure en de documenten van Ymere af te vinken” 5).

Politici die zich inhoudelijke niet bezig willen houden met de problemen of ideeën van burgers, verdienen hun positie niet. Dat lijkt een open deur, maar in werkelijkheid spant het gros van de politici zich liever in voor bedrijven dan voor burgers 6). Dat heeft wereldwijd niet alleen het neoliberalisme bewezen, maar ook de wethouders van D66 en de PvdA die een lokaal neoliberaal beleid voeren. De PvdA koos Freek Ossel tot de Amsterdamse wethouder voor “Bouwen en Wonen”. Van volksvertegenwoordiging kan men met dit soort bestuurders niet meer spreken. Het is dan ook niet verwonderlijk dat politici in hoog tempo hun geloofwaardigheid verliezen.

De schrijnende politieke werkelijkheid op de woningmarkt vernietigde de sociale netwerken op de Groenmarkt. Sociale netwerken waar de meest hulpbehoevende bewoners van afhankelijk waren. Maar niet alleen de Groenmarkt is een “plaats delict”. Overal worden de allerzwaksten uit hun buurten gezet door een vorm van politiek verraad dat inmiddels routine geworden is.

De participatiesamenleving zal falen

Aan Nederlanders wordt wel gevraagd om te participeren op die plekken waar hun medeburgers door de politiek zijn uitgekleed en onverzorgd en ziek zijn achtergelaten. Maar op het moment dat die zelfde Nederlanders voortvarende initiatieven nemen om hun buurt, en hun onderlinge sociale contacten te verbeteren, zijn het dwarsliggers die door de politiek buitenspel gezet worden om de winstmaximalisatie van woningcorporaties te garanderen.

De vraag blijft of burgers vrijwillig kostenloze inspanningen willen leveren in een gedroomde participatiesamenleving die op voorhand burgerinitiatieven saboteert omwille van de winsten van grote bedrijven. In wijken waar geld zit zal men zijn individualistische levenstijl kunnen blijven bekostigen. Het zullen daarom de buurten met minderdraagkrachtigen zijn waar de Haagse oproep tot burgerparticipatie het hardst zal klinken. Deze buurten zijn uitgerekend dezelfde buurten waar de meeste stadsvernieuwingen doorgedrukt zullen gaan worden. Waardevolle sociale netwerken zullen er uit een gereten worden. Met alle ellendige gevolgen van dien.

Hoe kan Den Haag een huurder vragen om solidair te zijn met zijn zieke buurvrouw als hij weet dat zijn buurt elk moment rijp verklaard kan worden voor een renovatie en het ontbinden van zijn sociale netwerk daar? Op welke planeet leven politici? En met wie doen ze daar zaken?

Woningcorporaties weigeren om burgers te zien als netwerken van elkaar ondersteunende buurtbewoners. Laat staan dat ze die willen helpen opbouwen. Ook de politiek doet dat niet. Stadsbestuurders tekenen geblinddoekt elk document dat een woningcorporatie voor hun neus legt. Die onderdanigheid staat haaks op de Haagse oproep voor een participatiesamenleving. Gezien de politieke werkelijkheid is die oproep per definitie vernederend.

Het neoliberale experiment dicteert dat alles wat burgers ten goede komt moet wijken voor de markt en de daarin te behalen winsten. Na 30 jaar vrije markteconomie wordt op de Nederlandse woningmarkt de schade nog steeds niet opgemaakt, maar onverminderd aangericht. Dat winst belangrijker blijft dan mensen, zal de hoofdoorzaak zijn van het falen van de participatiesamenleving 6).

Woningcorporaties moeten hun bezit verkopen om van de opbrengsten sociale woningen te kunnen bouwen. Dat laatste doen ze niet. Voor de minstdraagdrachtigen worden geen sociale woningen gebouwd en de controle erop faalt.

Als Den Haag de burger zijn participatie gunt, dan zal men radicale maatregelen moeten durven nemen. Men zal het neoliberale verdienmodel, dat ze de woningcorporaties oplegden, moeten durven afschaffen. Pas nadat alle woningcorporaties gecollectiviseerd zijn, en burgers deze zelfstandig kunnen organiseren en besturen, kan de noodzakelijke saamhorigheid ontstaan die een crisis kansrijk maakt.

Onvermijdelijk staan er na de gemeenteraadsverkiezingen van 2014, 2018 en 2022 nieuwe lichtingen gemotiveerde parlementair democraten klaar. Vol vertrouwen in hun coalities en hun blinde geloof in “de meerderheid der stemmen” zullen ook deze lichtingen politici zich onderwerpen aan de woningcorporaties en daarmee hun burgers willens en wetens blijven verraden.

In landen waar confrontatiepolitiek bedreven wordt in plaats van koehandel met burgers in achterkamertjes, hebben ze een woord voor de Nederlandse politieke praktijk: Volksverraad! Confrontatiepolitiek word in de grote Nederlandse steden niet bedreven. Daarom zullen bewoners de confrontatie met de woningcorporaties en lokale politici actief op moeten zoeken.

Directe Actie

Niet alleen de Groenmarkters, maar alle bewonerscommissies die hun plannen de afgelopen 10 jaar aan hun woningcorporaties presenteerden, zijn uiteindelijk geschoffeerd en buitenspel gezet. Daarom wordt er binnen een groot aantal Amsterdamse bewonerscommissies momenteel een essentiële discussie gevoerd: “Blijven we protesteren of gaan we in verzet?” Protesteren is vragen of je woningcorporatie wil stoppen met het onrecht dat ze je aan doen. Verzet is er voor zorgen dat het onrecht dat ze je aan doen, nooit meer gebeuren zal!

Er is een goede reden om de tijd van protest af te sluiten en in verzet te komen. Tijdens het protest van de afgelopen 10 jaar hielden bewonerscommissies de dialoog met hun woningcorporaties en de lokale politiek in stand. Het gros van de afgeserveerde bewonerscommissies concludeert achteraf dat het juist die zelfde dialoog was die de nederlaag bracht die men nu nog berouwt.

Om succesvol verzet te garanderen zijn vier zaken van belang: Een goed georganiseerde bewonerscommissie, een gezond stuk argwaan tegenover de politiek, duidelijke gemeenschappelijke doelen en het lef om de dagelijkse gang van zaken binnen de politiek en de woningcorporaties te durven stagneren.

Goed georganiseerde bewonerscommissies

Een slagvaardige bewonerscommissie zorgt er allereerst voor dat buren die elkaar nog niet kennen werkvrienden worden. Elkaars vaardigheden en talenten benutten is een goede tweede stap. Ervaren voorzitters kunnen vergaderingen succesvol leiden en mensen die goed kunnen schrijven kunnen de interne-, en externe communicatie verzorgen. Leden die “public relations” of “marketing” gestudeerd hebben zijn erg waardevol omdat zij de media kunnen bespelen. Benoem de slimmeriken tot onderhandelaars en roep externe expertise in van een goede mediator. Volgens de wet moet de woningcorporatie de mediator bekostigen die jullie kiezen. Iedereen heeft talenten. Dus Tante Bep die bejaard is, kan prima de nodige koffie, thee en taarten verzorgen.

Op het moment dat je woningcorporatie een voorlichtingsavond organiseert met het doel om haar plannen eenzijdig door te drukken, organiseer dan op die zelfde avond je eigen bewonersvergadering. Zo voorkom je dat je woningcorporatie haar eigen planning afdwingt zonder dat je de tijd hebt om gemeenschappelijke doelen te bepalen.

Trek de bewonersonderzoeken die woningcorporaties doen altijd in twijfel. De onderzoeksbureaus en onderzoekvragen die ze stellen zijn per definitie tendentieus en er niet op gericht om de belangen van je buurt in kaart te brengen. Herken je dit, weiger dan met zijn allen om aan dit soort onderzoeken mee te doen.

Onderzoek nauwkeurig of je corporatie nog ruimte biedt voor onderhandelingen, of alleen informatie verschaft over plannen die door hen intern allang beklonken zijn. Als het laatste het geval is, stop dan met het overleg. Doe niet mee aan schijnparticipatie en laat ze dat weten.

Argwaan policiti

Het is niet verstandig om betrokken politici op voorhand op hun blauwe ogen te geloven. Vaak hebben ze hun eigen verborgen agenda's. Het is bekend dat politici afkomstig uit zowel de PvdA, Groen Links, D66 als de VVD na hun ambtsperiodes zelf graag directielid van een woningcorporatie willen worden. Dat betekent dat ze zich nooit sterk voor je zullen maken op het moment dat je je buurt wilt beschermen tegen de afbraak van jullie onderlinge zorgzaamheid. Politici willen hun eventuele toekomstige werkgevers namelijk niet voor de voeten lopen.

Maak ook contact met andere bewonerscommissies. Doe navraag naar hun successen en verliezen en bepaal op basis daarvan jullie acties en strategieën. Organiseer gezamenlijke brede coalities om grootschalige mediacampagnes mee op te zetten.

Gemeenschappelijke doelen

Als meerdere buurtbewoners eenmaal in actie willen komen, dan zul je overeenstemming moeten zien te bereiken over jullie doelen. Overeenstemming over de doelen van je acties is essentieel. “Willen jullie de renovatie stoppen en de bouw van sociale woningen af dwingen? òf voor iedereen een hoge afkoopsom eisen?” Als niet iedereen dezelfde doelen heeft als jij, respecteer dat dan. Het is beter om dat op voorhand te weten, dan dat je je halverwege verraden voelt omdat anderen niet dezelfde doelen deelden als jij.

Blokkades en bezettingen

Een blokkade of bezetting is het meest duidelijke signaal dat je af kunt geven omdat deze maximaal ongemak betekenen voor de mensen die achter gesloten deuren over jullie levens beslissen. De enige taal van woningcorporaties is die van geld. De enige taal van politici is die van hun carrière en reputatie. Pas als hun reputatie en winsten op het spel staan, word je serieus genomen.

Door de dagelijkse gang van zaken binnen de politiek en woningcorporaties te verstoren zal de politieke praktijk, hun bedrijfsvoering en winst schade op lopen. Met bewust geplande verstoringen aan de onderkant van deze organisaties, zal de top van hun organisaties in beweging moeten komen. Dit effect is langs de weg van protest nooit te bereiken!

Niet aangemelde manifestaties die iedere week door 20 òf 30 man voor het hoofdkantoor van een corporatie georganiseerd worden, hebben veel meer effect dan een eenmalige trage protestmars van een paar duizend man door de hoofdstad. De druk erop houden is essentieel.

Je kunt raadsvergaderingen verstoren waarvan je op voorhand weet dat deze in het voordeel van een woningcorporatie uit zullen vallen. Dat hoeft niet gewelddadig, maar kan prima met stinkbommen, rookbommen en/of brandblussers. Bovendien ben je daarmee erg interessant voor de media.

Blokkades en bezettingen vergroten de onderlinge saamhorigheid en het geloof in elkaar. Je eist langs deze weg letterlijk een vrije ruimte waarin je de tegenpartij kan uitnodigen voor onderhandelingen op jouw voorwaarden. Dat is wezenlijk anders dan ontboden worden op het hoofdkantoor van een corporatie die jou gaat vertellen wat er met jullie buurt en jouw privé-leven gaat gebeuren.

Een grootschalige huurstaking of de bezetting van het hoofdkantoor van je woningcorporatie is moeilijk te organiseren. Maar naar mate jullie saamhorigheid groeit, groeit ook je organisatorisch vermogen, je actiebereidheid en het succes daarvan.

Escalatie

Vergeet nooit dat je strijd voert. Voorruitgeplande escalatie is een prima middel om de druk op de politiek en hun corporatievrienden op te voeren. Denk daarom vooral na over de volgende drie vragen: “Wat voor soort actie plannen we, wat zijn onze eisen en met welke acties kunnen we op voorhand dreigen als onze eisen niet worden ingewilligd?

Auteur
Een kleine groep ex-bewoners van de Groenmarkt